‘O, wat leuk. Is het ook te huur?’ Met afstand de meestgestelde vraag als je een tweede huis in Frankrijk hebt. Zoals wij al ruim twintig jaar. Tot nu toe was ons antwoord op de huurvraag een heel stellig NEE. We verhuren ons eerste huis ook niet. In de kasten hangen onze kleren, in de badkamer staan onze toiletspullen en wij kennen de gebruiksaanwijzing van het huis. De routines van het water op de leidingen zetten, koken op een tweepits-butagasfornuisje, de houtkachel, het moeten doen met één elektriciteitsgroep (‘doe het kleine kacheltje even uit, want de oven moet aan’) enzovoorts, maken het niet handiger. Maar zoals ik net zei: Tot nu toe.
Ons huis ligt zo’n 4,5 uur rijden vanaf Utrecht. In het Noorden van Frankrijk – zo’n 30 km onder Verdun – in het departement Meuse in de regio Lorraine. Trek op de kaart vanuit Maastricht een lijn loodrecht naar beneden en een horizontale door Parijs naar rechts; ze raken elkaar in de Meuse. De Maasvallei. Voor Route du Soleil-vakantiegangers: bij Metz rechtsaf de A4 op naar Parijs, en na iets meer dan een half uur ben je bij afslag Verdun. Dan nog een half uur zuid, richting Saint Mihiel, de Maas over en het laatste rechte stuk naar ons dorp. Een prachtig groene, heuvelachtige streek. Ook bekend van de hoofdrol die het in de eerste wereldoorlog (La Grande Guerre) speelde.

Je ruikt meteen de houtgestookte haarden en kachels als je over de tweebaans D-wegen door de typische lintdorpjes rijdt. Het is een landelijke streek vol historie, met stadjes als Verdun, Commercy, Bar le Duc en Saint Mihiel. Sinds enige jaren brengt de hogesnelheidstrein je vanaf station TGV-Meuse binnen één uur en zonder tussenstops 300 km verderop naar hartje Parijs. Of in 5 uur zonder overstappen naar Bordeaux. Aanrader.
Maar goed – in 1999 hakten we dus voor het eerst een woonknoop door: niet verhuizen naar een groter huis, maar een tweede huisje kopen. Meer ruimte voor de kinderen – die ik ook graag een vleug buitenleven wilde meegeven. Mijn dierbaarste jeugdherinneringen spelen zich af rond de boerderij van mijn opa en oma in Hellendoorn. En niet onbelangrijk: we hadden uitgerekend dat het goedkoper was dan verhuizen.
Via een krantenadvertentie kwamen we terecht bij een oud Frans boerderijtje met grote schuur en een eigen (wei)landje. Aan de rand van een piepklein dorpje met iets meer dan 50 inwoners, net achter het front in WOI. In ons huis werden gewonden ondergebracht – we vinden nog steeds kogels en dergelijke in de tuin en muren. Het boerderijtje werd te koop aangeboden door een gepensioneerde aannemer uit Rotterdam die het in de jaren ’70 had gekocht en bewoonbaar gemaakt. Hij woonde zelf inmiddels permanent 20 km verderop in een ander dorp. Alles was onbekend en het had ook slecht kunnen uitpakken, maar we hadden geluk. Inmiddels genieten we ruim 20 jaar met volle teugen van het goede Franse (buiten)leven. Zijn echt gehecht aan deze prachtige streek, zo rustig, zoveel historie, zo buitenlands en toch zo dichtbij Nederland.
En dan blijken we onverwacht nieuwe mogelijkheden te hebben, met dank aan mijn overleden vader. Het vraagt om keuzes maken; wat willen we. Investeren? Beleggen? De oververhitte huizenmarkt in Nederland is absoluut onbereikbaar. In Frankrijk daarentegen…. Zo is het zaadje van nog een huis kopen gezaaid. Kunnen wij eindelijk ook JA zeggen als iemand ons huis in Frankrijk wil huren. In 2021 start ik daarom een nieuwe hobby: huizen zoeken op Franse websites.






